Getallen - getallenkennis
Kommagetallen; de tienden.

Tik je antwoorden in. Klaar ? Goed zo. Controleer je antwoorden door op de 'Controleer'toets te drukken.

 

1) Van tiendelige breuk naar kommagetal en omgekeerd.

7 / 10 =
0,1 =
1, 3 =
7,8 =
2 / 10 =

2) Welk getal ligt tussen ...
0,3 0,5
4 4,2
3,7 3,9
0,9 1,1
6,8 7

3) Zet de reeks verder.

+ 0,2 --> 5,3 6,5

- 0,3 --> 8,8 7

4) Rangschik van groot naar klein:
14 / 10 - 0,9 - 3 - 27 / 10 - 2,4 - 3 / 10 .

> > > > >

5) Rangschik van minder naar meer:
0,2 - 20 / 10 - 1,1 - 12 / 10 - 22 / 10 - 0,1 .

< < < < <

6) Vorm het getal. Gebruik indien nodig je positietabel.

7H 7E 4t =
2t 2D 1E =
3t =
4E 8T 3t =
1H 5t 3E =

7) Ontbind de getallen. Wanneer er geen cijfer voor een bepaalde waarde in het getal
aanwezig is, tik dan 0 (nul). Je mag je tabel gebruiken.

49, 8 = D H T E t

4005,2 = D H T E t

503,1 = D H T E t

0,7 = D H T E t

648 = D H T E t